In perioden van verkiezingen worden we overspoeld met debatten. Het Carré-debat, het EENVANDAAG debat, debatten op de radio en er wordt zelfs gedebatteerd via Twitter en Hyves. Kortom er vinden veel debatten plaats. Maar wat maakt een debat nu juist goed of slecht? Wat is de etiquette van een debat?Een debat is een vorm van discussie waarin twee of meerdere partijen onder leiding van een neutrale voorzitter een scherpe stelling of vraag verdedigen, bestrijden of beantwoorden. De stelling of vraag dient altijd voorafgaande aan het debat geïntroduceerd te worden en zal met visuele ondersteuning altijd zichtbaar moeten zijn, zodat niet afgeweken kan worden van het thema. Het beoogde doel is niet om als partij je gelijk te halen of om de tegenpartij te overtuigen, maar juist om een derde onafhankelijke partij/jury te overtuigen met een goed onderbouwde argumentatie. Maar wat zijn nu de kenmerken van een goed debat?
Een goed debat begint mijns inziens met een stukje respect en fatsoen richting de tegenpartij en het onafhankelijke publiek. Een goed debater dient ten alle tijden respect te hebben voor de argumenten van de
tegenpartij en dient daardoor altijd aandachtig te luisteren en laat de tegenpartij netjes uitpraten. In de rede vallen en door elkaar heen praten is onfatsoenlijk. Overmatige emoties als schreeuwen of stemverheffingen zijn uit den boze. Goede debaters moeten namelijk niet elkaar overtuigen, maar juist een derde onafhankelijke partij/jury. Dus onder de gordel opmerkingen of zelfs schelden zijn zinloos. Een goed debater dient altijd rustig, kalm en overtuigend zijn/haar standpunten duidelijk en helder met bronnen te beargumenteren. Hierin speelt houding - rechtop staan, zelfverzekerd, schouders recht, opgeheven hoofd etc. - een prominente rol. Een zelfverzekerde houding is vaak het halve werk om het publiek te overtuigen.
Daarnaast speelt de voorzitter binnen het debat een cruciale rol bij het verloop en de structuur van het debat. De voorzitter is ten allen tijden neutraal binnen het debat en neemt daardoor ook niet deel aan het debat. De voorzitter bewaakt de voortgang van het debat. Dit betekend dat de voorzitter er voor moet zorgen dat alle deelnemers in het debat de mogelijkheid krijgen om hun bijdrage te leveren. Hierin houdt de voorzitter goed bij wie wil spreken, stopt hij/zij langdradige en overbodige bijdragen en zorgt hij/zij er voor dat de deelnemers zich houden aan de oorspronkelijke stelling. Verder dient de voorzitter het debat te bevorderen door in te grijpen wanneer de discussie vastloopt en er voor te zorgen dat de deelnemers hun standpunt blijven herhalen. Daarnaast houdt de voorzitter het debat levendig door provocerende vragen te stellen wanneer het debat vastloopt en kalmeert hij/zij deelnemers in verhitte discussie.
Als de bovengenoemde punten kenmerkend zijn voor een goed debat is het volgende debat een slechte uitvoering van een debat, namelijk het Twitterdebat rond de Tweede Kamer verkiezingen van 2010 dat georganiseerd werd door RTL4. Nederlandse politici als Femke Halsema (GroenLinks), Alexander Pechtold (D66), Andre Rouvoet (Christen Unie) en Jan Kees de Jager (CDA) probeerden met 140 tekens per 'tweet' hun standpunten te beargumenteren via Twitter. Dit debat verliep op zijn zachts gezegd zeer chaotisch. Alle grondregels van een debat werden tijdens het Twitterdebat verbroken. Allereerst wordt een debat gehouden voor een derde onafhankelijke partij en vindt dit plaats tussen twee of meerdere partijen. De derde onafhankelijk partij dient zich niet te mengen in het debat, maar dient zijn/haar oordeel te vellen. In het Twitterdebat kon het publiek ook mee debatteren. Dit resulteerde in meer dan 100 'tweets' per minuut. Waardoor het voor zowel de kijker als de politici zeer onoverzichtelijk en chaotisch werd. Met een stroom aan 'tweets' waren de standpunten en stellingen niet duidelijk en was van overtuiging al helemaal geen sprake. Daarnaast was de rol van voorzitter toebedeelt aan Frits Wester. Wester kon het debat niet in goede banen leiden door de enorme toestroom van 'tweets', waardoor de rol van voorzitter volledig ondergesneeuwd werd. Het was kortom een mooie demonstratie van de mogelijkheden die nieuwe media kunnen bieden. Alleen hadden ze dit niet mogen schaden onder de noemer 'debat', maar onder de de noemer 'discussie'. Om een debat als dit voortaan goed te laten verlopen stel ik als eerste voor om de stellingen duidelijk in beeld te laten zien. Dit hoeft niet perse via Twitter, maar kan gepost worden op de website van RTL. Daarnaast moet de toelating van Twitteraars beperkt worden tot een bepaald maximum, zodat de toestroom van 'tweets' overzichtelijk blijft. De rol als voorzitter zal mijns inziens serieuzer opgepakt worden, door voorafgaand aan het debat duidelijke regels te communiceren. Bijvoorbeeld door te stellen dat de deelnemers aan het debat pas hun 'tweet' mogen sturen op het teken van de voorzitter, zodat de 'tweets' geleidelijk en overzichtelijk binnen komen (structuur). Een debat via Twitter zal kortom meer gecontroleerd en gestructureerd moeten worden. Door de toestroom van 'tweets' te controleren en duidelijk regels voorafgaand op te stellen, zodat niet alle deelnemers tegelijk 'tweets' gaan sturen.
In tegenstelling tot het bovengenoemde staat er op Youtube een fragment van een geslaagd debat tussen Wouter Bos (PvdA) en Geert Wilders (PVV) in de aanloop naar de Gemeenteraadsverkiezingen van 2010.
Het debat werd goed ingeleid met een heldere structuur door te beginnen met een duidelijke visueel ondersteunde stelling: "De Islam vormt een bedreiging voor de Nederlandse samenleving". Deze stelling kon binnen 60 seconden bestrijd of verdedigt kon worden. Hierdoor konden direct de voor- of tegenstanders gesignaleerd worden en kregen beide partijen - Bos en Wilders - dezelfde kansen om hun standpunten duidelijk te beargumenteren om zodoende hun publiek te overtuigen. Vervolgens kregen beide partijen de kans om verder te debatteren over dit onderwerp. In mijn optiek lieten ze elkaar - op een paar interrupties na - het gros deel van de tijd netjes uit spreken. Daarnaast kwamen ze met duidelijke argumenten, maar waren ze af en toe iets te persoonlijk. Hun taalgebruik sloot goed aan op het publiek (de Nederlandse kiezer) en hun houding was zelfverzekerd. Ze kwamen beide eerlijk en oprecht over. De voorzitter vervulde zijn rol goed, maar hoefde in dit debat niet in te grijpen, doordat de heren zich netjes gedroegen en elkaar goed lieten uitspreken.
Waar het Twitterdebat onoverzichtelijk en chaotisch verliep, was het EENVANDAAG debat een helder gestructureerd debat. Beide partijen kregen gelijke kansen om de duidelijke stelling te verdedigen of te bestrijden met goede argumenten, waardoor het publiek zich goed kon plaatsen binnen het debat.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten